• 04 legerplaatsvogelvlucht Romeinen
  • noviomagus

Romeinen in Nijmegen

Tijdvak 2

Rond 400 v.Chr. kreeg een lokale krijgsheer zijn laatste rustplaats bij het huidige Keizer Traianusplein. Hij werd begraven samen met zijn strijdwagen, de enige prehistorische strijdwagen die in Nederland gevonden is. Aan de noordzijde van de Waal woonden rond 400 v.Chr. ook mensen. In een grafveldje op de kruising van de Turennesingel en de Laauwikstraat werd de wat excentriek aandoende 'Man van Lent' gevonden, die niet gecremeerd maar begraven was. Hij had zijn bronzen oorringetje en vlechtringen nog naast zijn schedel liggen.

Rond 19 v.Chr. arriveerden de eerste Romeinse soldaten in onze streken. Ze verbleven hier - met tussenpozen - meer dan vier eeuwen.

De eerste Romeinse soldaten bouwden op de Hunnerberg, een heuvelplateau in Nijmegen- Oost, een groot legerkamp van 42 hectare. Het bood plaats aan een legermacht van 15.000 man. Kort daarna, rond 10 v.Chr., verrees op het Kops Plateau een veel kleiner legerkamp van ongeveer vijf hectare. Archeologen hebben de sporen gevonden van twee hoofdwegen en een luxe woning die van een commandant moet zijn geweest. Vanuit de commandopost op het Kops Plateau vertrokken Romeinse soldaten en hun aanvoerders naar Germanië.                               

De Romeinen bouwden in Nijmegen de nederzetting Oppidum Batavorum. Rond het jaar 17 liet keizer Tiberius er een monumentale godenpijler oprichten. De stad Oppidum Batavorum (stad voor de Bataven), gelegen op en rond het Kelfkensbos, bestond in oorsprong uit lintbebouwing langs de weg die naar de versterking op het Kops Plateau voerde. In ieder geval één gebouw, gelegen op het huidige St. Josephhof, kreeg een stenen fundering: de oudste van Nederland.

In het jaar 69 n.Chr. vond in deze streken een opstand plaats, waarin de Bataven de hoofdrol speelden. De Bataafse Opstand werd snel neergeslagen. De manschappen van het Tiende Legioen bouwden twee kilometer naar het westen een nieuwe stad, op de plek in Nijmegen-West waar nu het Waterkwartier ligt. Omstreeks 100 schonk keizer Traianus deze hoofdplaats stadsrechten én de naam Ulpia Noviomagus. Er verrezen grote gebouwen, zoals een forum, een openbaar badhuis en meerdere tempels. In het jaar 104 vertrok het Tiende Legioen, maar het kamp bleef in gebruik tot het einde van de tweede eeuw. Daarna volgde een periode van grote onrust: Germaanse stammen trokken de grens van het Romeinse rijk over en maakten de regio onveilig. Rond 270 werd de stad definitief verlaten en verplaatste de bewoning zich naar het centrum van Nijmegen. Op het Valkhof werd een versterking gebouwd waar soldaten en burgers zich in gevaarlijke tijden konden terugtrekken. Rond het midden van de vijfde eeuw werd de macht overgenomen door de Franken.

Kenmerkende aspecten:

  • De ontwikkeling van wetenschappelijk denken en het denken over burgerschap en politiek in de Griekse stadstaat.
  • De klassieke vormentaal van de Grieks-Romeinse cultuur.
  • De groei van het Romeinse rijk waardoor de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa verspreidde.
  • De confrontatie tussen de Grieks-Romeinse cultuur en de Germaanse cultuur van Noordwest-Europa.
  • De ontwikkeling van het christendom en jodendom als eerste monotheïstische godsdiensten.

Via onderstaand menu kunt u zien waar u met uw leerlingen naartoe kan gaan in Nijmegen en welke projecten u in de klas kan doen.


Reactie plaatsen

Romeinen in Nijmegen








streekgeschiedenisstreekgeschiedenis-3000-500-3000-500Rijk van NijmegenRijk van NijmegenNijmegenNijmegen