Late Ijzertijd: -250 tot -50
In de prehistorie was Ruurlo een nat en drassig gebied. Tussen het jaar nul en het jaar 1000 zullen er weinig mensen voor langere tijd hebben gewoond. Rond het jaar 1000 was de grondwaterstand lager, zodat het gebied minder drassig was en op de zandgrond kon je met plaggen en mest ervoor zorgen dat er iets beter gewassen konden worden verbouwd.
In 2004 ontdekten onderzoekers dat op het veldje achter het verzorgingshuis De Bundeling, tegenover de sportvelden, al 300 jaar voor Christus mensen tijdelijk moeten hebben gewoond. Er werden wat sporen gevonden uit de Late IJzertijd: een paar aardewerkscherven en twee houtskoolmeilers. Dat zijn cirkels die erop wijzen dat hier ijzer werd gemaakt uit oer en houtskool. Die oer is in onze streek voorhanden.
Vroegste bewoning Ruurlo
Correctie:
De houtskoolmeilers zijn 'silo's' voor de productie van houtskool. Het daarin bereide houtskool is op zijn beurt weer gebruikt voor de productie van ijzer. Hiervoor werden Moerasijzererts (Ruurlose Broek) en klapperstenen (omgeving Lochemse berg) gebruikt. Op basis van recent archeologisch onderzoek bestaat het vermoeden dat de Achterhoek en de Liemers (omgeving Montferland)in de 9e/10e eeuw de positie van de Veluwe overnamen als belangrijkste productiecentrum van ijzer in ons land. In het dal van de Oude IJssel heeft deze productie voortgeduurt tot in de huidige tijd (o.a. DRU en Vulcanus).