1847
Nijkerkerveen en Hoevelakerveen vormden in de Middeleeuwen samen
het 'Grauwe Veen', dat in 1132 door de bisschop van Utrecht werd
uitgegeven voor ontginning. Toen later de Laak werd gegraven,
vormde dit kanaal de scheiding tussen beide venen (en ook tussen
Utrecht en Gelderland).
Nijkerkerveen was lange tijd brandstofleverancier voor het stadje
Nijkerk, door de turf die uit het veen werd gestoken. Zoals veel
veengebieden in Nederland, was ook Nijkerkerveen eeuwenlang een
arme nederzetting. Het was een grensgebied en lange tijd een
toevluchtsoord voor mensen die wat op hun kerfstok hadden, mensen
die bepaald geen goede reputatie genoten. In 1654 werd
Nijkerkerveen beschreven door Arend van Slichtenhorst: "Het
Nijkerkerveen, 't welk aen de hele vest genoeghsaemen brand kan
verschaffen, is weleer, op de wijze van meest alle veenen, een poel
en verdronken land geweest."
Halverwege de 19e eeuw nam dominee Callenbach het initiatief tot de
oprichting van de Christelijke School. Deze school, uit 1847,
heeft een positieve bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van
Nijkerkerveen, en is nu de op één na oudste nog bestaande
Christelijke school uit de 19e eeuw in Nederland.
Door de algemene vooruitgang van de 20e eeuw is
Nijkerkerveen in de loop der jaren een welvarende gemeenschap
geworden.
Leestip:
Witzel, F. (1997)
'150 jaar Christelijke School Nijkerkerveen'
Vereniging voor Christelijk Schoolonderwijs Nijkerkerveen
Drukkerij Van de Ridder b.v. Nijkerk
Dooren, F. van (1985)
'Landschappen van Nijkerk - Arkemheen', blz. 129 t/m
135
Uitgeverij Callenbach Nijkerk
ISBN 90 266 0096 8
Nijkerkerveen